Begin 2013 verliet ik Brussel. Ik woonde er tien jaar en leerde de stad kennen, in al zijn hoeken en kantjes. Maar het was genoeg. Ik was toe aan een groenere omgeving, aan mooie vergezichten, en – vooral – aan meer stilte. Rust. Ik begon verwoed te zoeken op het internet en schuimde alle immosites af. Tevergeefs. Geen enkel huis kon me bekoren.

Tot die welbepaalde dag, ergens in mei. Ik was met Google Earth op zoek naar de exacte locatie van een huis dat ik op een immosite gevonden had. Het zag er vrij oké uit, maar de straatnaam ontbrak. Ik zag wel dat het in Vloesberg lag. Mijn queeste leidde tot niets. Ik bleef naar het scherm staren tot mijn ogen ervan begonnen te tranen, en wou de zoektocht staken, tot mijn oog op exact hetzelfde huis viel, op een andere website. Misschien werd ik daar wel wijzer?

Helaas – of niet? – vond ik niet meer info. Ik scrolde verslagen door het huizenaanbod op de site, en zag dat er in het dorp nogal wat te koop stond. Toen ik op pagina drie belandde, zag ik een huis waarvan ik meteen dacht: “Dit wordt het. Dit wordt mijn nieuwe thuis.” Gezellig, oud, bescheiden, quasi modern ingericht met design en vintage meubelen. Mijn ding, quoi.

Ik besloot om eens te gaan kijken en nam een vriend mee. Ik was er amper een uur toen ik vrij impulsief tot de aankoop overging, zeer tot de verrassing van de vrouw die me rondleidde. Verrast én ietwat geïrriteerd, want ze was duidelijk niet opgezet met mijn impulsiviteit.

Ik wist meteen dat het de juiste beslissing was.

Net voor ik het huis zou bezoeken had ik mijn vader gebeld, om hem op de hoogte te brengen van mijn plannen.

Ik herinner me zijn repliek nog: “Vloesberg? Je kunt evengoed op de maan gaan wonen!”

Toen ik hem vlak na mijn beslissing opnieuw opbelde en hem het heugelijke nieuws vertelde, bleef het een paar seconden stil aan de andere kant van de lijn.

“Je weet toch dat onze familie afkomstig is uit die streek? Je roots liggen daar.”

Wat een verrassing!

“Neen, dat wist ik niet,” antwoordde ik, “Je hebt me daar nooit iets over verteld.”

“Welja,” ging hij verder, Het huis van mijn vader was vlakbij, in Opbrakel, aan de andere kant van de taalgrens. Wat is het juiste adres waar jij gaat wonen?”

Later die avond stuurde hij me een mail. Het toeval wil dat mijn huis op exact 1 km – in een loodrechte lijn – ligt van het huis van mijn grootvader.

 

Mijn vader sloot zijn mail af met een enthousiast: “Ik zal je meer komen bezoeken dan toen je in Brussel woonde, om door de velden te wandelen, net zoals mijn vader deed.”

En dat deed hij. En ik ook. Met mijn camera over mijn schouder.

Hier heerst eenvoud, stilte, kleur en een verrassende schoonheid.

Vastgelegd in foto’s die ik de afgelopen zeven jaar nam. (2013-2020)

Opgedragen aan mijn vader.

Peter-Jan Willems